Follow by Email

zondag 29 mei 2016

AWD - mei 2016 deel 1 (Groen, vleugels en macro)

Mei zorgt traditiegetrouw weer voor een golf aan nieuwe indrukken.
Voor mij was dat aanleiding genoeg om mijn overzicht van mei in twee delen te splitsen.

Macro speelde een belangrijke rol.
De ontluikende zonnedauw, met een hertenkeutel ter grootte van een konijnenkeutel als achtergrond,  heb ik gefotografeerd m.b.v. van mijn nieuw aangeschafte tussenringen.
De door René gedane suggestie aan Helma (zorg voor een referentie waardoor duidelijk wordt hoe klein het blaadje is) heb ik hier toegepast.
Het geeft zo een goed beeld van de minuscule omvang van het blaadje.
Een stelletje langpootmuggen - één van de vele tipula-soorten - betrapte ik bij hun voortplantingsdaad.
De zandhagedissen bleven ook na de publicatie van een speciale editie op mijn blog mijn aandacht trekken.
Zo laag bij de grond  kijk je net weer even anders tegen ze aan.
De vele grasstengels op de achtergrond neem ik deze keer voor lief.
Jammer was dat ik alleen de allerlaatste fase van het uitsluipen van een viervlek kon vastleggen.
Eerder op de ochtend was ik teveel bezig geweest met andere onderwerpen.
 Het leek zo trouwens wel een polsstokhoogspringer.
Maar ook de laatste fase is de moeite van het bekijken en fotograferen waard.
Een heel klein spinnetje had eveneens belangstelling voor de viervlek, zoals de oplettende kijkers natuurlijk al hadden gezien.
Zo'n opdrogende viervlek zorgt ook nog wel eens voor een verrassing, getuige de druppel die onderaan het achterlijf hangt.
Op warme, zonnige dagen bliezen groene kikkers hun wangzakken flink bol, afgewisseld met luidruchtig gekwaak.
De concurrentie was groot en het geluid soms oorverdovend.
Terwijl ik mijn best deed om mooie plaatjes van roodpootvalken (waarover meer in een andere editie) te schieten, 
zag ik tamelijk dichtbij een hoornaar op een dood, afgebroken stammetje zitten.
Dat gebeurt mij niet vaak, dus daar wilde ik wel graag een foto van maken.
 Dit plaatje is het resultaat.
Boomkikkers komen meer en meer tevoorschijn.
Af en toe zie je er een op een min of meer vrije plaats zitten.
Dit tamelijk kleine kikkertje had een lekker windvrij en zonnig plekje gevonden.
Deze grote keizerlibel was nog niet helemaal klaar om te gaan vliegen.
Dat kwam mooi uit, want nu kreeg ik alle kans om hem van verschillende kanten te fotograferen.
Na een korte tijd opdrogen was zij klaar om het luchtruim te kiezen.
Al weer zandhagedissen?
Ik kan het niet laten, maar dat komt omdat ze mij weer wat nieuws lieten zien.
Hun paring!
De mannetjes houden ervan om hun vrouwtje eens flink te bijten.
Is dit opwindend voor hem/haar of heeft het tot doel om haar niet meer te laten ontsnappen?
Als hij haar eenmaal goed te pakken heeft is het wel duidelijk hoe het gaat aflopen.
Het leek wel of ze in de knoop waren geraakt.
Minutenlang bleven ze zo in deze houding, waarbij de enige echt zichtbare beweging voor rekening van het mannetje kwam.
Hij tilde namelijk zo nu en dan zijn linkervoorpoot op, alsof hij wilde aangeven dat alles volgens plan verliep.
Na afloop gingen ze elk hun eigen weg.
Bij een poeltje trof ik opnieuw één viervlek aan die dezelfde morgen was uitgeslopen.
Ik was te lang bij de hagedissen gebleven dus daardoor had ik voor de tweede keer de eraan voorafgaande fasen gemist.
Nog een opdrogende viervlek.
Op sommige plaatsen leek het wel alsof er wolken viervlekken rond de duindoorns vlogen.
 Er was keuze genoeg voor ze om een geschikte landingsplaats te kiezen. 
Voor mij was er daardoor ook volop keuze om een gunstige positie uit te zoeken.
Tot besluit nog enkele beelden van zonnedauw. 
Door de sterke vergroting viel het kleine insectje pas op.
Ik dacht eerst dat het een vuiltje was.
Het was ook de eerste keer dit jaar dat ik zonnedauw met een vangst zag.
Het werken met tussenringen bevalt mij wel.
Het opent een nieuwe wereld, maar je moet wel heel erg op de scherpte letten.
Het blijft een uitdaging om te experimenteren. 
Van storende achtergronden had ik nog geen last.
Op deze manier fotograferen vind ik leuker dan ik had verwacht, dus ik laat er ongetwijfeld nog wel eens wat meer van zien op mijn blog.


maandag 23 mei 2016

Opgroeiende fuutjes

Futen zijn tegenwoordig tamelijk algemeen in waterpartijen in steden en dorpen in West-Nederland.
Ik heb daardoor al behoorlijk veel kunnen zien van de balts- en paringsrituelen van de volwassen vogels.
Het resultaat van al hun bedrijvigheid vaart hierboven mee op de rug van een van de ouders.
De kleintjes kunnen zich al heel snel goed redden en zwemmen bedrijvig met de ouders mee,
natuurlijk wel regelmatig lekker relaxend op de rug van de dichtstbijzijnde ouder.
Kinderen moeten goed eten, maar dat valt soms niet mee.
Kleine visjes hebben ze in een oogwenk weggewerkt maar grotere exemplaren vergen meer inspanning.
Soms lukt het niet. Andere keren ben je verbaasd over het formaat vis dat ze kunnen doorslikken.
Deze vis werd uiteindelijk door de volwassen fuut opgegeten.
Even lekker uitrekken.
Wat zijn de tenen groot in verhouding tot hun kop!
Geen wonder dat ze goed kunnen duiken, want die tenen lijken wel peddels.
Af en toe werden de jongen gevoerd met veertjes.
Waarom?
Volgens sommigen vormen de veertjes in de maag een soort bal die bescherming biedt tegen scherpe graten. 
Anderen denken weer dat die verenbal ervoor zorgt dat gedeeltelijk voedsel te snel van de maag naar de darmen gaat.
Per ongeluk had ik bij de kleurenweergave "monochroom" ingesteld in plaats van "natuurlijk".
Ook al vind ik dat het bij dit beeld wel kan, mijn voorkeur gaat duidelijk uit naar kleur.
Even een moment voor een  "snavel-snaveltje" contact.
De nieuwsgierige jongen varen niet uitsluitend uit gemakzucht op de rug van een ouder mee.
Omdat hun temperatuurregeling nog niet goed ontwikkeld is moeten ze regelmatig opdrogen. 
In  koud water zouden ze teveel afkoelen als ze er voortdurend in zouden blijven zwemmen.
Futen zwemmen graag bij rietkragen.
Dat kan knap hinderlijk zijn als je ze wilt fotograferen, want óf ze verdwijnen achter het riet óf je hebt de pluimen teveel in beeld.
Op de bovenstaande foto is de weerspiegeling van het riet goed te zien.
Niet iedereen houdt daarvan.
Voor de pullen is het wel zoeken naar een lekker plekje op de rug van moeder. 
Met zijn drieën heb je al gauw wat ruimtegebrek.
Reikhalzend werd uitgekeken naar vader fuut die met een vis in aantocht was.
Geen twijfel mogelijk waar de aandacht naartoe ging.
Het grootste jong was het brutaalst en pikte nogal eens een visje weg voor de snavel van de anderen.
Ook moeder vond soms dat het haar beurt was. 
Omdat zij bijna voortdurend op de kleintjes moest passen had ze natuurlijk ook wel eens trek.
Net als mensen vinden ze het prettig om met mooi weer een stukje te gaan varen ( en een andere visstek te zoeken).
Het kleinste fuutje kreeg niet zoveel kans om een goede plek op de rug van moeder te vinden.
Het recht van de sterkste kon je goed zien.
VIS!
Het oudste en grootste fuutje keek begerig naar de flinke vis die zijn vader had gevangen.
Hij bleek een maatje te groot.
Vader at hem uiteindelijk  toch maar zelf op.
De aandacht van moeder en kind was gericht op hetzelfde onderwerp.
Af en toe was moeder het zat.
Even omhoog komen en met de vleugels wapperen had tot gevolg dat de jongen die op haar rug zaten in het water plonsden.
Hier was alleen de jongste het slachtoffer ( in de vergroting is nog een heel klein beetje van het jongste fuutje in het water te zien)
Zomaar een rustig momentje.
Drie op een rij, allemaal in dezelfde kleding.
In de natuur is dat niet ongebruikelijk.
Bij mij roept het herinneringen op aan mijn jeugd.
Mijn moeder vond het leuk dat mijn broers en ik allemaal een zelfde kleur overhemdje droegen.
Ik niet.
Zou daar mijn afkeer van uniformen vandaan komen?
Wat geeft tegenlicht toch een enorm kleurverschil.
Ik had echter geen keuze, want van de andere kant kon ik ze niet zien.
Het leven van fuutjes draait om eten en op de rug van hun moeder mee liften.
De twee bovenstaande beelden zijn vanaf een brug gemaakt.
Als je de vogels vanaf een bruggetje fotografeert krijg je weer eens een heel ander beeld.
Ze moesten wel oppassen voor meerkoeten.
Ik zag een keer dat een volwassen meerkoet op een jonge fuut dook, die zelf razendsnel onder water  verdween en zich in veiligheid bracht.
De meerkoet vond waarschijnlijk dat de jonge fuut te dicht bij haar pullen was gekomen.
Bij de laatste twee beelden vond ik dat de fuutjes omgeven werden door mooie patronen in het water.

De bovenstaande foto vind ik een mooie afsluiter over het wel en wee van de jonge fuutjes.
De echte afsluiter staat hieronder:


Toen ik op het punt stond naar huis te gaan zag ik in de nabijgelegen sloot iets bewegen.
Gauw eropaf.
Het bleek een muskusrat te zijn die met een flinke bek vol planten onderdook voordat ik er fatsoenlijke plaatjes van had kunnen maken.
Gelukkig kwam hij nog een keer terug, waarbij ik hem veel beter kon zien.
Daarna was de koek op en kon ik tevreden naar huis fietsen.




maandag 16 mei 2016

Kleintjes worden groot

Op 19 april en 5 mei ben ik nogmaals bij de bekende lepelaarskolonie  gaan kijken.
Het is niet alleen interessant om lepelaars in bomen te zien nestelen, maar bovendien om te zien hoe de jongen opgroeien.

Op 19 april was er slechts één nest waarin jongen zichtbaar waren, maar het lag wel wat verder weg dan ik hoopte.
Dit is een bewijsplaatje van wat ik daar zag.
Twee van de drie jongen waren gedeeltelijk zichtbaar.
Ik heb mijn aandacht daarom meer gericht op volwassen vogels die overvlogen of juist in de bomen landden om takken te zoeken.
Ze kwamen af en toe als het ware uit de lucht vallen.
Steeds weer is het een mooi schouwspel hoe gecontroleerd zo'n daling en landing uitgevoerd worden.
Het lijkt een wankel evenwicht maar met behulp van hun vleugels beheersen ze iedere beweging volledig. Valpartijen komen niet voor.
Het is en blijft een uitdaging om scherpe foto's te maken van lepelaars die óf op zoek gaan naar takken óf op zoek gaan naar hun nest en partner (en eventueel jongen).

Op 5 mei bleek dat er na mijn vorige bezoek veel was gebeurd.
Wat dieper in het bos was er een nest met jongen redelijk te zien.
Er waren geen hinderlijke takken voor het nest. 
Je moest wel zoeken naar een geschikte plek om foto's te kunnen zoeken, te meer omdat er meer belangstellenden waren.
De jonge vogels waren behoorlijk actief en gingen ook regelmatig staan.
Je kon zo goed zien hoeveel ze gegroeid waren.
Het aan takken trekken zit er al vroeg in.
Het derde jong blijft enigszins verborgen: onder de linkervogel is het een beetje zichtbaar.
Zo nu en dan werd er even gerekt en gestrekt. 
Een vast onderdeel is vleugels spreiden, voor jong en oud.
Intussen was een volwassen lepelaar hoog in één van de bomen geland.
Deze keer had hij/zij geen belangstelling voor takken.
Het draaide nu om persoonlijke verzorging.
Je zou bijna zeggen dat bijzondere aandacht aan het kapsel was besteed.
Tamelijk aan de rand van het bos was een nest goed zichtbaar.
Ook hier waren drie jongen geboren, waarvan er één wat achter liep in ontwikkeling.
Blijkbaar vond één jonge lepelaar het wat saai worden toen het wat lang duurde voordat er weer nieuw voedsel gebracht werd.
Er zat weinig anders op dan op een houtje te bijten.
Zo krijg je ook weer eens iets anders te zien dan relaxende lepelaars.
De twee grootste jongen lieten hun aanwezigheid goed merken, de kleinste kreeg niet veel kans.
Je zou bijna zeggen dat het nakomertje honger had en bij zijn oudere broers/zusters om voedsel bedelde.
Hoe dan ook, ze waren druk aan het snavelen.
Eigenlijk is het leven van de jonge vogels nogal saai.
Nadat ze gegeten hebben moeten ze tot een volgende voederbeurt de tijd doden met rusten, niksen,
staan, rek- en strekoefeningen doen, en soms elkaar een beetje pesten.
Ze nemen elkaar niet bij de neus maar wel bij de snavel. 
Maakte het middelste jong misschien teveel lawaai of  was hij vervelend geweest?
De boodschap was duidelijk:
snavel dicht!
Nu staat de jongste.
Het verschil in grootte van bijvoorbeeld de koppen is aanzienlijk.
De ouder die voortdurend in het nest was geweest was intussen afgelost door de andere ouder,
die op een tak naast het nest was gaan zitten.
Ze werden wat ongeduldig want de vader/moeder die met voedsel was teruggekeerd piekerde er niet over om de jongen te voeren.
Het voeren is ook niet gebeurd toen ik er was.


De beelden van 5 mei zijn gemaakt tussen half vier  en kwart voor vijf, toen het licht al een stuk minder hard was dan eerder op de dag.
Met dit beeld sluit ik mijn blogs over de lepelaars voor dit jaar af.
Het is en blijft opmerkelijk dat ze in bomen nestelen.
Ik weet dat ik één van de velen ben die beelden van deze lepelaarskolonie heeft laten zien.
Iedereen beleeft het toch op zijn eigen wijze.