Allereerst wil ik iedereen bedanken die gereageerd heeft op mijn bericht dat ik een scheurtje in mijn linkerdijbeen had opgelopen.
Lopen ging wat moeizaam, door mijn been zakken was aanvankelijk niet te doen.
Gaandeweg ging het wat beter en kon ik er toch voorzichtig op uit.
Ik heb maar kleine stukjes gelopen, maar tot mijn verrassing heb ik toch aardig wat mooie waarnemingen kunnen doen.
De julikever was daar een goed voorbeeld van.
Toen het lopen weer enigszins te doen was ben ik naar een veldje gegaan waar ik in het verleden veel vlinders, libellen en sprinkhanen heb gefotografeerd.
Nu viel het behoorlijk tegen, maar grote groene sabelsprinkhanen waren er gelukkig wel.
Dankzij het kantelbare schermpje op mijn camera hoefde ik mijn benen nauwelijks te buigen.
Ze zaten niet voortdurend op mooie posities, maar als je geduldig bent komt er meestal wel zo'n moment.
Hier ging het de meeste mannetjes om: een vrouwtje met een indrukwekkende legboor.
Het verschil met een mannetje is duidelijk te zien.
Een paring heb ik niet gezien.
De sprinkhanen verscholen zich na een tijdje weer tussen de begroeiing.
Gelijk hadden ze, ze wilden niet ten prooi vallen aan bijvoorbeeld vogels.
Vlinders waren daar niet veel, hoewel het op andere plaatsen beter was.
Soorten als de kolibrievlinder, keizersmantel en distelvlinder komen een andere keer aan bod.
Op de weg terug zag ik ineens een julikever, die erg rustig bleef zitten.
Een perfecte kans om een mooie scherpe foto te maken.
Zou hij wel leven?
Toen ik hem later met een stokje voorzichtig aanraakte bleek dat hij zich óf doodstil hield óf niet meer leefde.
Zijn tijd bleek voorbij te zijn.
Wat verderop zag ik er weer een.
Hij was niet alleen, want er liepen ook wat mieren op en langs hem.
Er zat nog genoeg leven in hem, want langzaam maar zeker kwam hij wat omhoog.
Ik denk dat hij last had van die mieren.
Mieren schijnen wel wat te zien in een traag bewegende julikever.
Het deed mij denken aan een Kaapse buffel die aangevallen wordt door leeuwen.
Meikevers heb ik dit jaar zelf niet gezien, ze schijnen er ook weinig geweest te zijn.
Junikevers bestaan ook, maar die heb ik nog nooit gezien.
want het risico was groot dat onoplettende voorbijgangers op de kever zouden trappen.
Misschien heeft hij daarna ook geen last meer gehad van de mieren.
Juni bracht nog veel meer.
Een grote lijster, een jonge buizerd en bovendien putters en padden in de tuin.
De natuur kan soms onverwacht dichtbij zijn.
Daarover een andere keer.















