Follow by Email

dinsdag 17 juli 2018

Achterhoek juni 2018

In juni ben ik een weekje met mijn vrouw in de Achterhoek en omgeving geweest.
Over het uitstapje naar Biotop Wildpark Anholter Schweiz in Isselburg zal ik tzt nog een fotoverslag op mijn blog zetten.
We hebben een aantal wandelingen in vooral de omgeving van Winterswijk gemaakt.
Op één van deze tochten zagen we deze torenvalk.
Even hiervoor had hij een muis gevangen en verorberd.

Het loont de moeite om de beelden in de vergroting te bekijken.
Als de lightbox in Google niet werkt, helpt het om Firefox te downloaden en dan mijn blog te bekijken.
De lightbox werkt daar wel.

Zo te zien smaakte de muis opperbest.
Ik heb uiteraard een hele serie hiervan gemaakt, maar ik beperk mij tot een tweetal platen.
Zo liet hij zijn vangst nog een keer in volle glorie zien.
Door een vriendelijke boer werden wij op de opening van een torenvalkennest gewezen.
Nadat we een korte tijd hadden staan wachten kwam er een valk uit tevoorschijn.
We zijn er niet lang gebleven, want het begon zowaar te regenen.
Dat maakten we deze maand niet zo vaak mee.
Het was een aantrekkelijke omgeving voor vlinders.
De gehakkelde aurelia (Polygonia c-album) is daar een mooi voorbeeld van. 
We wilden een wandeling door het Korenburgerveen maken via een gemarkeerde route.
In de beschrijving van de route werd ons aangeraden laarzen aan te trekken omdat het nogal drassig kon zijn. 
Het was echter lange tijd droog geweest, dus we namen de gok om geen laarzen mee te nemen.
Gelukkig maar, het was er kurkdroog, zodat we ons een paar zweetvoeten hebben bespaard.
Koevinkjes ( Aphantopus hyperantus) zie ik in de kuststreek maar af en toe, hier waren ze veel overvloediger.
Er groeide veel dopheide, waarbij ik aanneem dat dit de gewone dopheide (Erica tetralix) is.
Op deze heide kan je heideblauwtjes (Pleibeius argus) verwachten.
Die waren er dan ook in groten getale, vooral mannetjes.
De vrouwtjes zijn heel anders gekleurd.
Samen vormden ze wel een kleurig setje, hier druk (nou ja.....) bezig met het zorg dragen voor een toekomstig nageslacht.
Veel actie zie je dan niet, een vlinderparing is maar een slome bedoening.
Een enkel ander blauwtje, zoals dit boomblauwtje (Celastrina argiolus), mengde zich tussen de heideblauwtjes.
Zoals goed te zien is kan je ze makkelijk van elkaar onderscheiden.
Grote dikkopjes (Ochlodus faunus) hebben we in de Achterhoek veel gezien.
Hoewel ze een goed ontwikkeld talent hebben om - uit fotografisch oogpunt - de meest onmogelijke plaatsen op te zoeken,
is het met wat volhouden toch wel gelukt om ze behoorlijk op de plaat te zetten.
Een mooie, kleurige vlinder is het landkaartje (Araschnia levana) die we tijdens verschillende wandelingen zagen.
In een poel zagen we, hoe kan het ook anders, poelkikkers (Pelophylax lessonae).
Althans, dat denk ik.
Ze behoren tot de groene kikkers, samen met de bastaardkikker en de meerkikker.
Nu blijken ze buitengewoon moeilijk van elkaar te onderscheiden te zijn.
Alleen aan de hand van een foto kan je nauwelijks zeker zijn.
Het toeval wil echter dat ze in de Achterhoek veel voorkomen, dus daar heb ik mij door laten leiden.
Bij twijfel adviseert men echter de naam groene kikker.
Toen de onrust na onze komst weer was verdwenen durfden de kikkers weer op een waterlelieblad te klimmen.
Sommige durfals kwamen zelfs heel dichtbij, tot minder dan een meter afstand.
Het laatste beeld van deze dag was van een roodborsttapuit, die er eens even goed voor was gaan zitten.
De laatste wandeling was op  landgoed Velhorst en omgeving.
De wandeling viel aanvankelijk wat tegen omdat we voornamelijk bos zagen waarin nauwelijks iets van fauna te zien was.
De rust en de omgeving zelf waren vanzelfsprekend ook wat waard, maar we hadden ook andere verwachtingen.
Grote dikkopjes zorgden op een zonnige plek voor afleiding.
Zij waren niet de enige bezoekers van de distels.
Het was wel dringen om een plek te vinden die goede kansen bood om nectar te tanken.
Nog een laatste omdat hij er mooi op staat.

De wandeling was sneller voorbij dan verwacht, dus we besloten om er nog een stuk aan vast te knopen.
De beste keuze van de dag!
Bij een zijtak van de Berkel zagen we een groot aantal weidebeekjuffers (Calopteryx splendens).
Dat was nou net een soort die ik al langere tijd gezocht had, maar nog nooit gevonden had.
Er waren er heel wat die niet op een goede plek zaten, maar hier had ik veel geluk mee.
Schitterend, zo wilde ik het graag een keer zien.
Het was tamelijk winderig, maar met wat geduld kom je heel ver, zeker als de juffers meewerken.
De vrouwtjes hielden zich afzijdig, want we zagen er maar een enkele op onaantrekkelijke plaatsen.
Deze weidebeekjuffers waren echt de kers op de taart.

De maand juni heeft mij een rijke oogst aan bijzondere momenten in de AWD opgeleverd.
Drie vorige posts zijn daar al gewijd.
Maar er was nog meer.
In het overzicht van de maand juni zal ik de volgende keer datgene opnemen dat ik nog de moeite waard vind om hier te laten zien.

dinsdag 10 juli 2018

AWD - juni 2018 zoogdieren


Juni is dan wel de maand van de damhert kalfjes, 
in deze maand had ik ook een bijzondere ontmoeting met een jonge vos.






Het loont de moeite om de beelden in de vergroting te bekijken.
Als de lightbox in Google niet werkt, helpt het om Firefox te downloaden en dan mijn blog te bekijken.
De lightbox werkt daar wel.
Begin juni liep ik 's morgens om ongeveer 7 uur langs één van de kanaaltjes in het duingebied toen ik een damhert aan de rechteroever zag staan, aanstalten makend om het kanaaltje over te steken.
Damp hing boven het water waardoor een mooi sfeerbeeld ontstond.
Ik kreeg tijd genoeg om mijn camera goed in te stellen zodat ik de oversteek mooi in beeld kon krijgen.
Het was net als altijd weer een  prachtig gezicht om te zien hoe het hert deze hindernis nam.
Een damhert op de plaat zetten is voor mij op zich niet zo bijzonder.
Het wordt wel de moeite waard als ze voor een opvallende pose zorgen.
En daar is hij dan, het eerste damhert kalfje dat ik in 2018 vond, op 8 juni.
Tot mijn verbazing lag het op nauwelijks een meter afstand naast een verharde weg,
op slechts een paar honderd meter bij een uitgang verwijderd.
En dan te bedenken dat ik er die morgen vergeefs naar had gezocht.
Ik vind het jaarlijks een uitdaging om te proberen kalfjes te vinden die nog zó jong zijn dat ze niet vluchten als je erbij in de buurt komt.
Opnieuw was het een voordeel om met een 400 mm lens te kunnen werken.
Het bleef dit jaar niet bij één exemplaar.
Een paar dagen later renden de kalfjes vlot achter hun moeder aan, of andersom.
Wat groeien ze snel!
Moeder en kind zorgden voor een opmerkelijk plaatje.
De lichaamstaal van de hinde spreekt boekdelen (vooral in de vergroting goed te zien).
In sommige delen van het duingebied kan je op je gemak naar konijntjes kijken,
zeker als je wat verscholen achter of tussen de duindoorns blijft.
Vooral de jonkies komen dan vaak steeds dichterbij.

Alle jonge dieren zijn nieuwsgierig en ondernemend, zo ook deze kleine.
Als ze je in de gaten hebben zijn ze bliksemsnel verdwenen, maar in dit geval bleef hij rustig zitten.
Toch leek het wel of hij het niet helemaal vertrouwde, hij wist niet goed raad met deze situatie.
Hij besloot verder te huppen.
Op een plek waar veel konijnenkeutels lagen greep hij naar zijn neusje alsof hij wilde duidelijk maken:
"Wat meurt het hier"  !

Struinend door het duingebied word je soms verrast.
Ik zag op een stille morgen een drietal tamelijk jonge vossen op een pad liggen.
Zo gauw zij mij zagen stonden ze op en verdwenen in de dekking, maar niet razendsnel zoals je met wílde vossen meestal overkomt.
Degene met de meeste lef  liet zich daarna het beste zien.
Even daarvoor zag ik haar met een broertje of zusje achter een duindoornstruik waar ik langs liep, op nauwelijks 2 meter afstand.
We waren alle drie volkomen verrast, ze vonden dat ik te dichtbij was gekomen en gingen er vandoor.
Een foto maken lukte niet, ik was net zo verrast als zij en daardoor te laat.
Er bleef er één over en die ging op jacht.
Ik kon niet zien of zij iets had gevangen.
Het leek erop dat alle moeite voor niets was.
Het lijkt mij trouwens een jonge vos die vorig jaar geboren is.
"Vossologen" ( kenners) zullen haar wel herkennen.
Zij had nog een voor mij unieke gebeurtenis in petto.
Zij ging een eigen hol graven!
En daar zat ik dan, op de eerste rij, geen andere toeschouwers, te genieten van een vos die zich uitsloofde.
Het zand dat bij het graven uit het hol komt mag natuurlijk niet voor de ingang blijven liggen.
Dat is niet alleen onhandig bij het naar binnen gaan, het is ook te opvallend.
Het werd dan ook vakkundig verspreid.
Het leek of ze het uitschreeuwde, maar de hele show verliep geluidloos.
Ik besloot een stukje om te lopen zodat ik een andere blik op het hol en de graafwerkzaamheden kon krijgen.
De vos vond het prima.
Toen ze al een behoorlijk diep hol had gegraven schoot zij eruit te voorschijn, schudde zich een paar keer flink uit en ging vervolgens in het gras liggen rollen.
Het zand tussen haar vacht zal wel behoorlijk gekriebeld hebben.
Het uitschudden van haar vacht deed ze een paar keer tussen het graven door.
Onvermoeibaar ging zij direct weer verder.
Haar aandacht werd ergens door getrokken, ze zal wel iets gehoord hebben dat ik niet hoorde.
Het bleek loos alarm.
Hier was zij bijna in het hol verdwenen.
Ik had ook nog wel een plaatje kunnen maken van het hol zonder vos, maar dat vond ik niet zo boeiend.
Het was warm, de inspanning groot.
Hijgen doe je op zo'n dag dan snel, zeker als je een bontjas aanhebt.
Het was fascinerend om te zien hoe ijverig zij was en hoe efficiënt ze te werk ging.
Ze had een kleine 20 minuten nodig om het hol te maken, waar ze volledig in kon verdwijnen.
Ze leek hier tevreden met haar werk, want graven deed ze vanaf dit moment niet meer.
Na een laatste korte inspectie van haar hol kwam ze naar buiten.
Ze had blijkbaar trek gekregen, want ze ging duidelijk op zoek naar wat eetbaars.
Hierbij verdween ze uiteindelijk tussen het struikgewas.
Voor mij was deze gebeurtenis pure verwennerij, voor herhaling vatbaar.