Tierra del Fuego (Vuurland) sprak altijd al tot mijn verbeelding.
Tijdens onze reis naar Patagonië kwam het er eindelijk van om Vuurland eens te bezoeken, een wens ging in vervulling.
We bezochten onder meer Ushuaia, het zuidelijkste stadje ter wereld en vertrekpunt voor reizen naar Antarctica.
In de haven van Ushuaia zagen we een aantal zuidelijke reuzenstormvogels (Macronectus giganteus).
Sommige vogels zochten naar voedsel langs de rotsige oever van de haven.
Het zijn onverschrokken rovers die graag in kolonies pinguïns op zoek gaan naar eieren en kuikens.
Deze reigersoort had ik in de haven niet verwacht: een kwak (Nycticorax nycticorax).
Ik vond de kleuren toch niet helemaal lijken op wat ik gewend was.
Er blijken echter enkele ondersoorten te bestaan, waarvan de Zuid-Amerikaanse soort N.N. obscurus genoemd wordt.
In het wild heb ik een volwassen kwak nog nooit van zo dichtbij gezien.
In iedere haven tref je wel meeuwen aan, zo ook in Ushuaia.
Deze meeuwensoort was nieuw voor mij: een dolfijnmeeuw (Leucophaeus scoresbii).
De meesten lagen in het zonnetje op een grasveldje langs het water, een enkeling vond een plek op de stenen langs de oever.
Vanuit de haven van Ushuaia hebben we een boottocht gemaakt over het Beaglekanaal.
Beagle is de naam van het zeilschip dat vooral bekend is van de reis om de wereld die Charles Darwin vanuit Engeland maakte via Patagonië, de Galapagos eilanden, Australië en Zuid-Afrika weer terug naar Engeland.
Op enkele eilandjes waar we langzaam langs voeren zagen we kolonies magelhaenaalscholvers (Phalacrocorax magellanicus).
Deze beelden van de aalscholver in lentestemming had ik al eerder gemaakt in de buurt van Puerto Madryn,
een stuk noordelijker aan de oostkust.
De mannetjes houden ervan om in de lente een mooie show op te voeren om de vrouwtjes te imponeren.
Het was geweldig om te zien.
Dit stelletje is wél bij het Beaglekanaal vereeuwigd, op de richel waarop ze nestelden.
Samen geven ze een mooi beeld van deze aalscholversoort.
Bij een eilandje mochten we even aan land.
Erg bijzonder was dit niet, de Chileense grote jager (Stercorarius chilensis) was de enige goede reden om aan land te gaan.
Op het eilandje zagen we maar één Chileense grote jager, maar in de lucht en op het water waren er meer.
Aan aalscholvers geen gebrek.
Ik stel u voor aan de keizeraalscholver (Phalacrocorax atriceps).
Er waren grote kolonies die uit de verte leken op kolonies pinguïns.
Vanaf het dek van de boot was het een sport om ze te fotograferen als ze uit het water omhoog kwamen en langs ons vlogen.
Vaak hadden ze een snavel vol met plantaardig materiaal, waarschijnlijk voor het zeer bescheiden nest.
Vuurland leent zich ook prima voor wandeltochten.
Als je het treft kom je dan grijskopganzen (Chloephaga poliocephala) tegen.
De ene keer waren ze wat meer benaderbaar dan de andere.
Dit type meeuw doet denken aan een mantelmeeuw.
Het is echter een kelpmeeuw (Larus dominicanus).
Ze zijn gek op seafood.
Ik zag hoe ze een schelp mee de lucht in namen waarna ze deze stuk lieten vallen op de rotsen.
Weer een mooi voorbeeld van de slimheid van dieren.
Dit tweetal reuzenbooteenden (Tachyeres pteneres) had lentekriebels.
Het mannetje klom op het vrouwtje en dwong haar de onderwaterwereld te bekijken, ze was nauwelijks zichtbaar meer.
Ze zat er duidelijk niet mee, het ritueel werd gewoon voortgezet, waarbij ze op het oog in extase raakte.
We werden onthaald op een fraaie show.
Zwartmaskeribissen (Theristicus melanopis) zijn schitterende vogels die tijdens de wandeling wat op afstand bleven.
Omdat ze ook bij deze omgeving horen laat ik hier een paar platen zien die ik al eerder had gemaakt.
Het zijn prachtig gekleurde vogels die we op verschillende plaatsen in het land gezien hebben,
zelfs nestelend in de boomtoppen van de bomen in de grootste straat van een stadje waar we enige tijd verbleven.
Deze schoonheid vind ik een waardige afsluiter van deze post.





































