dinsdag 14 augustus 2018

Haarrijnseplas

Na overleg met Maria ben ik op 19 juli naar de Haarrijnseplas gegaan, in het bijzonder voor oeverzwaluwen (Riparia riparia).
De ochtendnevel was wat opgetrokken en de zon brak door toen ik daar rond half 7 aankwam.
Op de reling zaten al een paar zwaluwen te wachten.

Het loont de moeite om de beelden in de vergroting te bekijken.
Als de lightbox in Google niet werkt, helpt het om Firefox te downloaden en dan mijn blog te bekijken.
De lightbox werkt daar wel.

Terwijl Maria nog onderweg was kwamen er enkele oeverzwaluwen zich in het langzaam opkomende zonnetje opwarmen.
Het bleef maar tot een klein aantal beperkt, maar ik was blij dat ik er in het warme ochtendlicht al wat plaatjes van kon maken.
Terwijl ik voorzichtig wat dichterbij probeerde te komen merkte ik wel dat de zwaluwen nogal voorzichtig waren.
Er vlogen er massa's rond, maar zitten was er nauwelijks bij.
Wat een verschil met vorig jaar.
Desondanks, met een plaat zoals deze was ik al heel tevreden.
Dichterbij kon ik niet komen.
Het bleek ook gelijk de laatste plaat te zijn van een oeverzwaluw tijdens deze morgen  maar dat wist ik toen nog niet.
Af en toe landde er een zwaluw op de rand, maar die ging er vrijwel direct weer vandoor.
We stonden er toen niet eens dichtbij.
Tijdens het wachten richt je je natuurlijk op andere vogels als die in de buurt komen.
Een tweetal grote zilverreigers (Ardea alba) vloog voorbij en die kans laat je uiteraard niet lopen.
Tegenwoordig kan je in ieder geval in het westen van Nederland regelmatig grote zilverreigers zien, al blijven ze wel vaak op afstand.
Met kokmeeuwen ( Chroicocephalus ridibundus) ligt dat heel anders.
Deze zat al vanaf half 7 op de hoek van de reling en bleef daar met enkele tussenpozen een groot deel van de morgen zitten.
Aan de andere kant van deze reling zat een soortgenoot. 
Omdat het licht nu van de andere kant op de vogel viel ontstond gelijk een heel ander sfeertje.
Deze kant leverde toch de mooiste plaatjes op.
Oeverzwaluwen leken zich voor mijn gevoel niet te storen aan de aanwezigheid van deze meeuw.
De kokmeeuw maakte zich wel druk om andere, overvliegende vogels, zoals een mantelmeeuw.
Om zijn ongenoegen te uiten, of om duidelijk te maken dat dit zijn plek was, zette hij een flinke keel op.
Hij deed zijn best, maar voor de volgende bezoeker maakte hij wel plaats.
Een jonge blauwe reiger (Ardea cinerea) was ook gecharmeerd van deze reling.
Deze vogel zal bij een aantal mensen wel bekend zijn, omdat Maria er in haar blog ook al aandacht aan heeft gegeven .
Heel relaxed, één poot opgetrokken, werd de omgeving in zich opgenomen.
Geen haast, geen honger, even een momentje voor zichzelf.
Waar peinst zo'n reiger over?
Denkt hij nog na over de afgelopen ochtend of is hij bezig met een volgende plek om eens lekker te gaan eten?
Gedurende de tijd dat deze platen gemaakt werden was het wel duidelijk dat er een heleboel oeverzwaluwen te zien waren, 
maar jammer voor ons kwamen ze vrijwel uitsluitend voorbij zoeven.
Omdat het inmiddels al weer flink warm was geworden en het licht er ook niet beter op werd  hebben we het hier maar bij gelaten.
De missie was niet mislukt maar we hadden wel gehoopt op iets meer succes met de oeverzwaluwen.
Volgend jaar beter.

dinsdag 7 augustus 2018

Hoornaar grijpt grote keizerlibel

Op een veldje waar jakobskruiskruid uitbundig bloeide waren grote keizerlibellen ijverig op jacht.
Ik hoopte erop dat ik zou zien dat zo'n libel een ander insect zou vangen. 
Ik werd echter nogal eens afgeleid door vlinders. 
Twee andere fotografen, Kees en Kees geheten, attendeerden mij op een grote keizerlibel (Anax imperator) die door een hoornaar te pakken was genomen.
Hij lag op de grond, maar zij hadden hem op het jakobskruiskruid gelegd toen de hoornaar vertrokken was.
Hij leek erg passief door een steek van de hoornaar (Vespa crabo).


Het loont de moeite om de beelden in de vergroting te bekijken.

Als de lightbox in Google niet werkt, helpt het om Firefox te downloaden en dan mijn blog te bekijken.
De lightbox werkt daar wel.
De grote keizerlibel was aan zijn borstzijde al aangevreten maar dat was op deze manier niet te zien.
Met wat fantasie zou je kunnen zeggen dat hij mij hulpeloos en om hulp vragend  aankeek. 
Hij werd weer op de grond gelegd toen we zagen dat de hoornaar was teruggekeerd en duidelijk naar zijn prooi aan het zoeken was.
Het duurde niet lang of hij was weer druk bezig met de libel.
Nu de keizerlibel op zijn rug lag was goed te zien wat de hoornaar al had aangericht.
De kop en de vleugels worden vaak van de romp gescheiden, maar deze keer gebeurde dat niet.
De hoornaar haalde uit het binnenste van de romp datgene wat hij in de vorm van een balletje naar zijn nest wilde brengen.
Zelf eet hij niets van de libel, alles is bedoeld voor zijn larven.
De larven scheiden een zoete vloeistof af die voedsel is voor de werksters onder de hoornaars.
De hoornaar haalde snel en efficiënt de lekkerste delen uit het lijf van de libel.
Over het wel en wee van de hoornaar is veel te lezen op wespenbestrijding .
De bal libellenvlees was bijna klaar.
Alleen het luchttransport naar het nest restte nog, een flinke klus.
Toen hij opsteeg leek hij op een helikopter die een zware vracht moest verplaatsen.
Toen hij weg was werd het restant van de libel weer even op het jakobskruiskruid gelegd.
De keizerlibel had toen wel last van een leeg gevoel.
Hij werd daarna opnieuw op de grond gelegd want het leek er niet op dat de hoornaar er al op was uitgekeken.
Hij was al snel weer in aantocht en zoemde zoekend tussen de begroeiing door.
Tot onze verbazing krulde de libel zijn achterlijf omhoog, alsof hij nog leefde.
Zijn laatste stuiptrekkingen?
Wij stonden er gefascineerd naar te kijken.
De hoornaar kwam inderdaad nog één keer terug.
Hij demonteerde de libel en vloog weg met het achterlijf waar nog één vleugel aan vast zat.
Wij bleven achter, een ervaring rijker.

De beelden zijn door de rommelige achtergrond geen fotografische hoogstandjes,
maar met voor mij wel bijzondere waarnemingen.

De volgende keer wordt het weer heel anders met o.a.