vrijdag 5 juni 2020

Sri Lanka - Vogelparadijs


Door van alle vogels die ik nog wilde laten zien hooguit twee beelden in deze post op te nemen kon ik volstaan met één afrondende post.
Desondanks 29 beelden, speciaal voor de doorzetters c.q. vogelliefhebbers.

Het loont de moeite om de beelden in de vergroting te bekijken.

Maar……, de lightbox werkt bij mij in Google niet en door te klikken op de beelden kwam er in mijn laatste post geen vergroting maar een verkleining!

Raadselachtig, maar nu lijkt in ieder geval de vergroting weer te werken.


Het eerste beeld is van een blauwstaartbijeneter (Merops philippinus javanicus) die we regelmatig gezien hebben.
Hier had hij een perfecte positie uitgekozen.
Blauwe pauwen zie je in elk wildpark, een enkele keer elders in het wild.
Bij wijze van variatie heb ik nu voor het vrouwtje gekozen, 
omdat de mannetjes bijna altijd de aandacht krijgen.
Van deze vogels krijg ik niet snel genoeg, 
zeker niet als ze met warm licht in zo'n mooie omgeving staan:
de Indische nimmerzat (Mycteria leucocephala).
Indische slangenhalsvogels (Anhinga melanogaster) stonden vaak in deze karakteristieke houding hun vleugels te drogen.
De trots van Sri Lanka, de nationale vogel!
Hanen van het Ceylonhoen ( Gallus lafayettii) hebben we opmerkelijk vaak in de wildparken gezien, hennen slechts een sporadische keer.
Het wemelde van de kleine groene bijeneters (Merops orientalis).
De lange staartveer was vaak niet zo goed te zien.
Het gevolg is dat bij een aantal geslaagde plaatjes deze grotendeels ontbrak, helaas.
Met deze plaat was ik heel tevreden : een Malabar neushoornvogel (Anthracoceros coronatus).
Meestal zitten ze behoorlijk verscholen tussen de bladeren  maar hier had ik de mazzel hem volkomen vrij in de lucht scherp op de plaat te krijgen.
We gaan weer endemisch: 
een Ceylonese brilvogel (Zosterops ceylonensis).
Een klein vogeltje dat we zagen in een bos met enorme bomen.
Deze vogel verdient hier ook een plaats, al was het alleen al om zijn naam:
goudbrauwbuulbuul (Acritillas indica).

Op safari naar het Bundala National Park, waar het vooral draaide om vogels, 
leverde een rijke oogst op.
Om te beginnen vielen er direct stelkluiten (Himantopus himantopus) op.
Ze waren met velen.
Foto's maken kon alleen vanuit een jeep, dus dat beïnvloedde vanzelfsprekend het standpunt.
In hun directe omgeving zagen we op afstand blauwe pauwen, Indische kuifarenden, blauwe reigers, grijze langoeren en landvaranen. 
Bovendien lagen of zwommen er krokodillen.
Onze gids stopte op een zeker moment op een tamelijk smal dijkje.
Pal naast de jeep, op hooguit een meter afstand, lag een Indische griel (Burhinus indicus),
zo te zien op haar nest.
Ze vertikte het om op te staan en weg te lopen.
In het meer zwom een eenzame grijze pelikaan (Pelecanus philippensis).
Het was beslist niet de enige pelikaan in het meer, want op zo'n 100 meter zagen we een grote groep. 
Voorafgegaan door een groep Indische aalscholvers kwam er een hele armada aangezwommen, duidelijk achter een school vissen aan.
Je geloofde je ogen niet toen talloze vogels zich op de vissen stortten.
Links nimmerzatten, rechts de pelikanen, maar als je goed kijkt zie je grote en kleine zilverreigers, blauwe reigers, lepelaars, steltkluten, aalscholvers en kleine steltlopers.
Het ging maar door, de vogels schransten wat ze konden.
Zo'n uitgebreid visbanket was aan al deze vogels goed besteed.
Het was fascinerend om naar te kijken.

We zijn inmiddels op de helft.😊
Toen we weer verder gingen troffen we een aantal Indische grielen, nu iets verder van de weg.
Er zijn nogal wat vogels die enigszins op elkaar lijken.
Denk maar eens aan de verschillende piepers en leeuweriken.
Een Jerdons leeuwerik (Mirafra affinis) zal voor de meesten geen bekende soort zijn.
Terug naar het water waar een Indische witte ibis (Threskiornis melanocephalus), 
ook wel zwartkopibis genoemd, in het meertje waadde, op zoek naar voedsel.
Ik dacht met een heilige ibis te doen te hebben, maar die komt in Afrika voor.
Ze lijken wel veel op elkaar.
Deze schoonheid behoeft geen introductie meer.
De Indische aalscholver (Phalacrocorax fuscicollis) heb ik in een eerdere post ook al eens laten zien.
Ze zijn heel algemeen.
Een bosruiter (Tringa glareola) was niet schuw en scharrelde zijn kostje bij elkaar langs de oever van een meer.
Omdat hij zo mooi poseerde heeft hij een extra plaats verdiend.
Dit kleine zangertje bezorgde mij tijdens een ingelaste wandelpauze van de vogelsafari heel wat zweetdruppels.
Het was niet alleen knap heet, 
maar ik moest heel wat moeite doen om hem mooi op de plaat te krijgen.
Het is een roodbuikbuulbuul (Pycnonotus cafer).
Hij kijkt hier uit over het strand en de Indische Oceaan.
Op de terugweg van deze vogelsafari zagen we een aantal grijskop purperkoeten (Porphyrio poliocephalus).
Nadat we er eerst een aantal in het riet zagen lopen, 
kregen we ze later ook nog een keer helemaal vrij in beeld.
Deze schitterende blauwe kitta (Sri Lanka blue magpie, Urocissa ornata) zagen we in het Sinharaja Regenwoud.
De vogel is endemisch voor Sri Lanka, en staat op de rode lijst van de UICN als kwetsbaar.
Je bent dan natuurlijk heel blij als je er een aantal hebt gezien.
Ik schat dat het er wel een tiental geweest zal zijn.
De laatste soort is misschien wel niet de meest spectaculaire soort, 
maar het is wel de laatste soort die ik tijdens onze reis hebt gefotografeerd.
Het is het mannetje van de Dayallijster (Copsichus saularis).
Zijn partner mag deze lange reeks besluiten.
Samen hadden zij een nest gemaakt bovenop een kapotte lamp.
Ze waren heel druk met hun jongen.
Voordat ze naar of van het nest vlogen kozen ze vaak een tak als tussenstation.


Hiermee komt een eind aan een lang verslag.
Ik heb respect voor het uithoudingsvermogen van degenen die het tot aan het eind hebben volgehouden.

donderdag 28 mei 2020

AWD - Mei 2020 Deel 1




Mei is onder andere de maand van de meikevers (Melolontha melolontha).
Ik kwam er heel wat tegen, een deel zieltogend of dood op een pad, 

maar gelukkig ook vliegend, lopend, klimmend of relaxend aan een stengel.

Het loont de moeite om de beelden in de vergroting te bekijken.
Jullie weten inmiddels dat de lightbox bij mij in Google niet werkt.

Maar hoe krijg je een meikever mooi op de foto?
Deze was door een bezorgde voorbijganger van het pad opgeraapt en op een stuk hout geplaatst.
Dat kwam goed uit.
Er zat nog genoeg leven in deze kever, sterker nog, hij was springlevend.
Dat liet hij ook duidelijk zien.
Het was wel prettig om ongestoord, helemaal in mijn eentje, de meikever van alle kanten te kunnen bekijken en fotograferen.
Op een andere dag vond ik er weer een, op een schaduwrijke plaats langs een duinmeertje.
De kleuren zijn daardoor direct anders dan bij de eerdere beelden.
Nog een laatste omdat ik het zo'n mooie kever vind.
Vlinders heb ik deze maand veel minder gezien dan ik gehoopt had. 
En áls ik ze zag was het onmogelijk om daar een mooi plaatje van te maken.
Deze kleine parelmoervlinder (Issoria lathonia) was daarop de uitzondering.
Ik heb ze tamelijk vaak gezien.
Deze ging op het zand zitten en bood mij de kans om er voorzichtig heen te kruipen en met mijn macrolens dit plaatje te maken.
Damherten (Dama damahebben het in deze tijd niet makkelijk.
Het is gortdroog in de natuur, voedsel is niet zoveel beschikbaar als de herten (en veel andere dieren) zouden willen.
En wat doe je dan als weldenkend damhert?
Je begint aan rietstengels, die er nog genoeg zijn.
Maar zo kan het ook, vooral als je zelf al volgroeid bent en behoorlijk veel blaadjes kunt bereiken.
Libellen zijn er ook weer, ze vliegen soms in opmerkelijk grote aantal langs het water of langs bosranden.
Dit is een gevlekte witsnuitlibel (Leucorrhinia pectoralis).
Niet zo'n bijzonder plaatje, wel een bijzondere soort.
Er vloog ook een setje rond dus de kans is groot dat de soort een blijvertje is.
Eén van de meest voorkomende soorten daar is de viervlek (Libellula quadrimaculata).
Het is steeds weer een uitdaging om deze veel gefotografeerde libel op een onderscheidende manier op de plaat te krijgen.
Ik ben in ieder geval zelf tevreden met deze twee beelden.

En waren er dan geen aantrekkelijke vogels om te fotograferen?
Gelukkig waren die er ook, maar ik moest er wel mijn best voor doen.
Allereerst is daar de grasmus (Sylvia communis).
Stapje voor stapje heb ik hem benaderd (in de AWD doe je nu eenmaal alles lopend), totdat ik voldoende dichtbij was om deze plaat te kunnen maken.
Hij genoot duidelijk van het mooie weer en zong er lustig op los.
Het is mij niet eerder gelukt om een grasmus zo goed op de plaat te krijgen.
Maar ook tapuiten (Oenanthe oenanthe) boden mij kansen, zij het dat zij er meestal vandoor gingen als ik iets te dichtbij kwam.
De aanhouder won ook deze keer.
Ik had gezien waar deze tapuit geland was.
Ik kon hem benaderen door uit een dalletje voorzichtig dichterbij te komen zodat ik hem nagenoeg op ooghoogte  kon zien. 
Dit is het resultaat.
Het zal wel een komisch gezicht zijn geweest om dit van een afstandje te bekijken😊.
Dit soort plaat was voor die dag een wens van mij.
Het zal duidelijk zijn dat ik hiermee heel tevreden was.

Ik ben een paar keer met zandhagedissen bezig geweest.
Massa's plaatjes gemaakt waarover ik ook nog tevreden was.
De ruimte is hier beperkt, dus het werd een lastige, tamelijk willekeurige keuze.
Deze prachtig groene zandhagedis (Lacerta agilis) likte zijn bek nog eens af nadat hij net een of ander insect verorberd had.
De mannetjes beleefden in mei drukke tijden want er moest voor nageslacht gezorgd worden.
Ik zag gevechten, verleidingspogingen, besluipingen en ga zo maar door.
Paringen heb ik ook gezien, maar de hagedissen waren tussen grassen niet zo goed zichtbaar als ik hoopte. 
Maar ja, een beetje privacy was ook wel op zijn plaats.
Deze volwassen dame keek eens rustig rond of er nog knappe kerels in de buurt waren met wie ze voor een gezond nageslacht zou kunnen zorgen.


En dan is er nog de grote publiekstrekker, waardoor de AWD in binnen- en buitenland bekend is: 
de vos (mochilla zorro,  ook wel vulpes vulpes).
Ik ben een paar keer bij een burcht gaan kijken, en het zal wel duidelijk zijn, ik was daar niet alleen.
Talloze plaatjes zullen al via sociale media gedeeld zijn, dus iets nieuws brengen is onmogelijk.
Ik heb zoveel plaatjes dat ik er makkelijk enkele posts op mijn blog mee kan vullen.
Ik zal er vijf laten zien.
De moervos was hier met vrijwel haar hele gezin, er ontbrak slechts één welp.
Ik was er niet zo heel vroeg bij dit jaar, de vosjes waren al flink gegroeid en zagen er ook al echt uit als een vos.
Zo'n plaat kan je maken als je op de grond ligt en het vosje komt naar je toe lopen.
Deze welp was brutaal en ondernemend genoeg om alleen op avontuur te gaan, overigens niet erg ver van de burcht.
Speurend werd de omgeving goed in de gaten gehouden.
Nog even omkijkend ging deze welp zelfstandig op pad en verdween uit het zicht.

Er is al veel gezegd en geschreven over dit vossengezin.
Ik zal er niets aan toevoegen.

Het is en blijft geweldig om deze dieren in hun element te zien, zeker als ze ongestoord kunnen doen wat ze willen.

Mei was fotografisch gezien een overvolle maand.
Bij deze bedank ik iedereen die deze lange post helemaal tot het eind heeft gelezen en bekeken.