In deel 2 van mijn juni overzicht komt vooral wat kleiner spul aan bod.
Een grote groene sabelsprinkhaan mag deze keer de blikvanger zijn.
Het loont
de moeite om de beelden in de vergroting te bekijken.
Maar……, de
lightbox werkt bij mij in Google Chrome niet
Als je ze
toch groter wilt zien moet je stuk voor stuk op elke foto klikken.
Bloggers
wegen zijn ondoorgrondelijk.
Het was een verrassing dat een tweetal gaaien (Garrulus glandarius) niet direct opvloog toen mijn vrouw en ik bij ingang de Zilk aan een wandeling begonnen.
Meestal waarschuwen ze ander wild als er mensen in de buurt komen, maar deze keer hadden ze blijkbaar een vrije dag.
Ze vlogen even later weg zonder dat er een geluid uit hun snavel kwam.
Ze trokken zich niets van ons aan.
Ze deden in ieder geval hun best om voor nageslacht te zorgen.
Tijdens onze duinwandeling kwamen we weer twee verscholen liggende damhertkalfjes tegen in een heel stil deel van de duinen, later ook nog een tweetal dat met hun moeders mee rende.
Bijzondere plaatjes leverde dat niet op.
De volgende plaatjes heb ik gemaakt toen ik alleen op stap was,
vaak tamelijk vroeg in de ochtend om de warmte wat voor te zijn.
Op een hazenpootje (Coprinopsis lagopus) had ik niet gerekend in deze tijd van het jaar.
Toch stond er een vijftal, ten dele nog klein en wat verscholen.
Heel verschillend, en daardoor een reden om ze beide te laten zien.
Ik was niet de eerste die daarop wilde gaan zitten, er zat namelijk al een harkwesp (Bembix nostrata) op.
Die moest dan eerst maar eens mooi op de plaat komen.
Die metalen plaat met reliëf gaf wel een verrassende ondergrond.
Die metalen plaat met reliëf gaf wel een verrassende ondergrond.
Opmerkelijk vond ik het wel dat het beestje geen last had van zijn pootjes,
want de plaat was tamelijk warm van de zonnewarmte.
maar moest al gauw weer op de knieën omdat de rups van de grote beer (Arctia caja) mijn pad kruiste.
Deze rupsen van een nachtvlindertje kunnen een verrassend hoog tempo ontwikkelen als ze open terrein oversteken.
Er was op verschillende plaatsen sprake van honderden en zelfs duizenden exemplaren.
Ik vind het een mooi plaatje als je ze op "rupshoogte" naar je toe ziet komen.
Wie weet in juli.
Ik hoop dat ik in juli ook de bijbehorende vlinders zal zien.
In onze tuin fladderen soms wat boomblauwtjes rond, maar dat was alles wat blauwtjes betreft.
Wat zal de reden hiervan zijn?
de voorloper van de wilgenhoutvlinder.
Je kan ze niet over het hoofd zien, want de rupsen kunnen wel 10 cm lang worden.
Deze schat ik op zo'n 8 cm.
Uiteindelijk ontstaat er een bruin gekleurde nachtvlinder die voorvleugels heeft van 3-4 cm.
Het was pas de tweede keer dat ik zo'n rups heb gezien, nadat ik er vele jaren geleden voor het eerst een zag,
ook in de AWD.
Wanneer je ze ergens ziet kruipen zijn ze over het algemeen op weg naar een geschikte plek in een boom,
bijvoorbeeld een wilg, om zich te verpoppen.
Als ze uit de gele cocons gekropen zijn kan je ze niet over het hoofd zien,
want ze doen dat met velen min of meer tegelijkertijd.
vrijwel direct beginnen met een innig contact met een partner van het andere geslacht.
Ik heb geen idee of er andere organismen zijn die dat ook zo snel doen.
Ze lag er al even, ze was geheel bedekt met dauw.
Hij vloog nog frank en vrij rond en landde regelmatig op dezelfde plek, waar ik al klaar zat.
vaak onder een blad hangend.
Het zijn nachtvlindertjes die je vooral in de vroege ochtend nog wel eens tegenkomt.
maar moeten ook aan de inwendige harkwesp denken.
Een viervlek hing hier te drogen bij het restant van het larvenhuidje.
Viervlekken (Libellula quadrimaculata) zijn volgens mij de meest voorkomende libellen in het duingebied.
Een grote groene sabelsprinkhaan (Tettigonia viridissima) zit hier op jakobskruiskruid.
Aan de andere kant hangt een huidje dat na het vervellen is achtergebleven.
De volgende keer komt - wat een verrassing - deel 3 aan bod.